Categorieën
Bijstandsverhalen Crazy collage

9 tot 5 mentaliteit

Ik haat werken

Ik haat mijn werk! Het is zinloos en het steelt de beste uren uit mijn leven. Dit is niet wat ik hoor te doen. Zo voelt het soms, in mijn emotie. Natuurlijk zijn er nuances. Maar het onderbuikgevoel blijft: dit is niet voor mij. Dit is niet waar ik mijn kostbare tijd aan wil besteden.

Werk knaagt aan mij. Stukje bij beetje word ik een werktuig. 

Hoe gaat het op werk? Sommige mensen zeggen dan: werk is werk. Het is niet leuk, maar het moet.

Maar je zult werken in deze maatschappij! 

Werk houdt ons in beweging. In een sleur met weinig fantasie. Wat nou als ik stop met rennen? Kan de wereld er dan anders uitzien? Staat het leven gelijk aan hard werken? Is alles te groot geworden? Ben je overal maar een schakel in de machine? 

Kan het ook kleinschaliger in een grote open wereld? Kom je dan automatisch uit bij de jagers en verzamelaars van de moderne tijd? De afgezonderde tribes in de Amazone, of de zeenomaden? Is werk altijd een economisch begrip geweest?

Wat is werk?

Er is maar één soort werk die ertoe doet: betaald werk (vanaf nu afgekort tot Werk). 

Werk is de toegang tot de maatschappij. Vrijwilligerswerk, huishoudelijk werk, zorg voor familie en vrienden, werk voor de community, dat wordt geclassificeerd tot vrijetijdsbesteding. 

Werk is de zon. De rest draait eromheen.

Ik hoef je niet te vertellen over jagers en verzamelaars. Hun werk ging over overleven. Misschien hebben we het dan over het echte leven. Ook het verbouwen van het land om zelfvoorzienend te zijn; dat was overleven.

Toen het niet meer over leven ging, maar over productie, begon het echte Werk. Fast forward naar het kapitalisme: Mensen zijn gereduceerd tot arbeidskracht of grondstoffen die uitgebuit moeten worden.

De aarde en de mens staan sindsdien in het teken van productie en kapitaalvergroting. We krijgen er wel iets voor terug: welvaart en vrijheid.

Maar een ruil is per definitie geen vrijheid. Nemen en geven in deze context is een valse onderbouwing voor het opgeven van je vrijheid. Het is altijd een ruilvoetverslechtering. Dat vrijheid gebonden is aan iets inleveren, is fundamenteel onlogisch.

Als we stoppen met werken, stort deze wereld in. Maar de aarde en de mens, die overleven. Daarom is er zoveel propaganda over Werk in de moderne maatschappij.

Ik hoef je niets te vertellen over de piramide van Maslow. Vroeger was overleven genoeg. Nu is dat niet meer voldoende. We willen zelfontwikkeling, we willen welvaart. Vooral als we onze persoonlijke ontwikkeling koppelen aan Werk en welvaart. Dan gaat het over groei binnen het systeem, efficiëntie, het verbeteren van je positie. Maar soms groei je daaruit. En dan begin je je af te vragen: hoe kom ik weer bij de kern? Hoe keer ik terug naar over-leven?

Werkloos

‘Ik denk dat als mijn moeder in het begin meer aandacht had gekregen, ze misschien zelfs betaald werk zou krijgen. Als werkcoach denk ik dat zij het echt had gekund. Ze spreekt vier talen, had kinderen op de basisschool, een netwerk, ze was zelfredzaam, ze kende haar weg in Nederland.’

‘Ik vind het raar om iemand te moeten overtuigen van dingen die ik weet en ervaar. Het is vermoeiend. Het zou niet zo moeten zijn. Als jullie het niet zien, dan doe ik blijkbaar iets goed. Dan camoufleer ik het goed. Jullie weten niet hoe vaak ik naar drie objecten kijk en niet weet wat ik ermee moet. Dat ik niet in beweging kom.’ Deze mist heeft mijn moeder nooit gestopt, ze is altijd binnen haar beperkingen voluit gegaan. Het zegt ook niks over de kwaliteit van haar werk, maar geeft alleen de moeilijkheidsgraad waar ze intern op momenten mee te maken had.

Mijn moeder heet Lilia. Ze zit in de uitkering. ‘Het voelt als een koperen kooi. Koper is waardevol, maar een kooi blijft een kooi.’ 

Zij had een keuze: ga ik schoonmaakwerk doen? Of volg ik mijn roeping, werken voor de kerk, en mijn kinderen zien opgroeien?

‘Ik heb voor het tweede gekozen. Maar niet zonder een factuur. Het is een stigma:  leven met een uitkering. Het gevoel dat je niet op een niveau functioneert waarvoor je betaald krijgt. Het gevoel van nét niet goed genoeg. Ha!’

Maar het was niet zo dat Lilia niet midden in de samenleving stond en niet bezig was.’ De eerste vijf jaar werkte ik meer dan veertig uur per week. Voor Stichting Melania en de parochie. In verschillende rollen. Ik heb een burn-out opgelopen in die vijf jaar.’

‘Werkloos, maar Kapot van het werk.’

We kwamen in 2002 naar Nederland, vanuit El Salvador. Mijn moeder was veertig. Kort daarna begon haar menopauze. Te vroeg, denkt zij. Door stress. Door migratie. Door overleven. Haar lichaam maakte bepaalde hormonen niet meer aan. Ze voelden zich instabiel, in haar hoofd en lichaam.

Mijn zusje heet Anna. Ze Werkt bij de gemeente als Werkcoach voor statushouders. 

‘Toen ik met dit werk begon, had ik nog de beelden van mijn moeder in mijn hoofd. Hoe ze behandeld werd door de gemeente, door werkcoaches. Ik was in strijd met mezelf. Ik wilde niet die persoon zijn. Niet degene die oplegt of afstraft.’

Maar tijdens de trainingen werd het snel duidelijk: je bent geen hulpverlener, maar een dienstverlener. Een uitvoerder van de Participatiewet. Aanklager en handhaver tegelijk. De werkcoach klaagt aan als afspraken niet worden nagekomen, maar beoordeelt ook verwijtbaarheid. Of er een maatregel nodig is.

‘Mensen begeleiden naar werk is moeilijker dan ik had gedacht. Mensen die net in de uitkering komen, zijn vaak nog vol hoop. Vol strijdlust: ik wil dit en dat, ik ga eruit. Maar vaak gaat het trager dan gedacht. En mensen die er langer in zitten? Voor hen is het veilig geworden. Buiten die wereld denken is lastig.’

‘Ik merk wel… soms loont het. Zelfs al neemt iemand de gaarste baan ever aanneemt, heeft het 9 van de 10 x toch positieve effecten. Ze gaan naar buiten, krijgen ritme, een salaris. Ze worden beloond voor hun tijd en energie. Dat hoor ik tenminste van collega’s.’

Werk loont is het motto. En Anna begint er in te geloven. Als kind zag ze wat Lilia deed wel als legitiem werk. Toen ze wat ouder werd begon ze zich wel af te vragen: Waarom zoek je geen betaald Werk? Ze zag haar moeder werken en ze zag haar capaciteiten.

Werk loont heeft een tegenstelling in zich waar Lilia zich tegen verzet: ‘het gaat niet om werken of niets doen’. Niemand die ze kent in de uitkering zit thuis op de bank. Ze zorgen voor familie, ze zijn actief in hun buurt. Ze onderhouden een gevoel van gemeenschap.

‘Dat is waar ik op werk mee struggle,’ zegt Anna. ‘Cliënten die zeggen: ik heb geen tijd. Ik moet boodschappen doen, kinderen halen. Ik snap dat. Maar dan komt mijn rol: het is niet de bedoeling dat je in de uitkering blijft. Wat kun je wél doen?’ Haar collega’s zeggen:

‘In Nederland moeten we dat combineren: Werken, huishouden en familie.’

Volgens Anna is haar moeder een uitzondering. ‘Jij was op een gegeven moment een soort sociaal maatschappelijk werker. Mensen zagen jou als vriendin, maar eigenlijk was je aan het werk.’ Lilia benadrukt dat het voor haar ook vrienden zijn. Het was voor haar ook geen Werk in enge zin.

Anna: ‘Het lijkt me niet dat al mijn cliënten zo zijn.’ 

Waarom niet? 

‘Ik ken niemand zo goed als mijn moeder. En ik ga mijn cliënten ook nooit zo goed leren kennen. Mijn punt is vooral: mijn moeder is speciaal hierin!’

Toch heeft Anna een rol die zo diep intervenieert in het leven van anderen. Alsof ze in een intieme moeder-dochterrelatie, met macht over hoe de ander moet leven..

CV van een Werkloze

  • Stichting Melania – 4-5 jaar
  • Dagopvang Pauluskerk – 2 jaar
  • Bezoekgroep Asielzoeker Rotterdam – 4 jaar
  • Meldpunt Vreemdelingendetentie – 2 jaar
  • Philisophy en hapjes – 1,5 jaar
  • Spaanse parochie – 16 jaar
    • communitybuilding 
    • Organisatie en coördinatie van liturgie en woordviering
    • Lid van pastorale raad
    • Bezoek aan zieken
    • Catechese voor jongeren
  • Parochie Het Steiger
    • Lid pastoraal team – 2 jaar 
    • Liturgische dienst – 15 jaar
  • Stichting St Egidio – 2 jaar 
  • Organisatie en coördinatie Aanbidding van het Allerheiligste in Kathedraal – 4 jaar

Side quest: Er is inmiddels een hele economie gebouwd op de uitbuiting van Werklozen en kwetsbaren. Op de ladder van werkparticipatie zijn allerlei verdienmodellen ontstaan op basis van gedwongen participatie. De sociaalondernemer is de redder in nood, en de Werklozen en kwetsbaren worden gedrukt in nood om gered te worden. Zonder een significante pool van deze groep verdwijnt het verdienmodel.

Klimmen op de ladder

Werk geeft Anna bepaalde vrijheden, waar zij inmiddels aan gewend is geraakt en graag wil behouden. Geld, bestaanszekerheid en vrijheid. 

Wij bewegen van een lagere naar een hogere sociaaleconomische positie. Werk is de grote drijfveer. Van zelf de uitkering ervaren, naar een positie waarin je intervenieert als systeemwerker in de levens van vreemden.

Ik ook. Ik werk voor de gemeente. Mijn vrijheid is: uit eten in het weekend, reizen in de zomer. Als ik iets wil, kan ik het meestal kopen. En dat houdt me bezig. Wat ik net niet kan kopen. Wat net buiten bereik ligt. De prikkel fluistert: er is meer gemak op de horizon. 

Tegelijkertijd voel ik me niet op mijn plek in het leven, want mijn leven is Werk. Mijn zelfontwikkeling draait nu om: hoe kan ik iets zinvols doen, zonder verlies te draaien? Geld is een voorwaarde geworden.

Gevangen in die kooi zegt Anna het volgende: ‘Ondertussen kan ik voldoening uit mijn werk halen, als ik mijn week goed afsluit, rapportages zijn gedaan, geen mailtjes, geen appjes, dan heb ik het gevoel dat ik een goede werkweek heb gehad.’ 

Voldoening uit een goede werkweek gaat dus over controle behouden op je werkzaamheden. Het moet binnen de perken blijven. Werk gaat vaak over controle. Werk heeft controle over jouw tijd. En jij controleert dat er niets gaat leven in het Werk.  

Liefdewerk

Niemand kiest voor een uitkering, maar mijn moeder heeft wel gekozen hoe zij haar tijd wil besteden. 

Soms is mijn moeder een moeilijk voorbeeld om te volgen. Ik verspil 40 uur per week van mijn leven aan iets wat ik niet zou moeten doen. 

Anna zegt: ‘Ik wist niet dat je deze kant op wilde…daar heb jij, ma, de lat hoog gelegd. ‘Werk doen dat niet je roeping is, voelt als tekortkomen.’ 

Mijn partner zoekt geen voldoening in haar werk. Ze haalt het uit haar privéleven. Ik kan dat niet zo compartimentaliseren. Ik blijf erbij: als ik mijn meest productieve uren besteed aan iets wat niet zinvol is, dan verspil ik mijn leven.

Wat moeten we tegen onze zoon zeggen? Dat hij zijn werk ook gaat haten, en dat hij van zes tot acht zijn eigen leven mag leiden? En dan mag hij zijn geld uitgeven. Online.

Ik ben niet moedig genoeg om te kiezen voor minder welvaart in de enge zin. Of om echt uit het systeem te stappen. Ik zie de keuze niet. We hebben onze ziel verkocht

Er zijn heel veel mensen slecht in hun Werk, of Werk doen dat ze niet willen. Heel veel mensen gaan ook ten onder aan hun Werk. Ze Werken om te overleven. Hoe kijk je daarnaar, moeder?

‘Hoe had ik het anders kunnen zien? Iedereen is geland waar die is geland. Alsof ik een keuze had. Alsof ik alle opties zag. Maar ik zag ze niet.’

‘En de manier waarop jij het vertelt; dat alleen mensen die Werken hun gezondheid opofferen? Die dingen doen die ze niet willen? Met of zonder roeping: Werk heeft een prijskaartje. Ik accepteer ook dat ik niet alles leuk ga vinden wat ik doe.’

Maar het grote verschil is dat veel mensen hun werk zinloos vinden. Dat ze geloven dat geld de voorwaarde is om te overleven. Dat is wat ons wordt opgelegd.

Mijn moeder voelde zich niet in staat om mee te draaien in die realiteit, fysiek en mentaal. Daarmee werd ze afgekeurd volgens de standaarden van deze maatschappij.

Tegelijkertijd bracht het haar op een ander punt: ze had geen keuze, behalve kiezen voor liefde.1

We kunnen ook vertrekken vanuit liefde. Door te accepteren dat we niet compleet zijn.2 Dat we in onze aard niet voldoen aan de hedendaagse standaarden.

Als we vertrekken vanuit liefde: Welk Werk overleeft er dan op deze aarde? Volgens mij kunnen we genoeg voldoening halen uit over-leven en samen-leven.

  1. Dit is mijn interpretatie en verwoording. Lilia spreekt meer over geloofsovertuiging en rechtvaardigheid als haar drijfveren. ↩︎
  2. In de podcast Compositions Book Club over Cedric Robinson werd dit voorgesteld als het startpunt in de verwerping van kapitalisme. ↩︎

Vervolg

Het verhaal is nooit af. Welke vervolgvragen komen bij jou op?